Taalcoaches bedankt

Onze taalvrijwilligers helpen Schiedammers iedere week om verder te komen met de Nederlandse taal. Met aandacht, humor, geduld; door samen te praten en te oefenen, oefenen en oefenen. Tijdens de Week van Lezen en Schrijven zetten we hén graag eens in het zonnetje. Aan al onze (digi)taalvrijwilligers: dankje, dank je, dank je wel! Jullie maken het verschil.

Waarom zijn deze Schiedammers taalcoach bij de bibliotheek?

Paul: 'Elk taalmaatje brengt een nieuw verhaal mee’

Portret van taalcoach Paul van der Meer in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Paul van der Meer woont vlak bij de Korenbeurs en werkt als freelancer gespecialiseerd in Virtual Reality. Zijn belangrijkste opdrachtgever is een museum in Amsterdam. In coronatijd zette hij zijn leven eens op een rij. Hij wilde graag iets terugdoen voor de samenleving, het liefst “iets met mensen”. Zijn liefde voor taal maakte dekeuze uiteindelijk logisch. “Dan is taalcoach zijn de perfecte match.”

Omdat Paul overdag werkt, spreekt hij meestal ’s avonds met zijn taalmaatje af, vaak in de Korenbeurs. Dat is praktisch én gezellig. “Al mijn maatjes brengen nieuwe verhalen met zich mee. Dat verbreedt ook mijn eigen horizon.” Zo begeleidde hij mensen uit onder meer Oeganda en Colombia.

Soms zijn taalmaatjes niet zulke praters. Dan zoekt Paul naar onderwerpen die wél iets losmaken. “We zoeken een interessant onderwerp op en lezen dan daar bijvoorbeeld samen iets over op een nieuwswebsite.” Dat typeert zijn aanpak: aansluiten bij wat iemand boeit en van daaruit het gesprek op gang brengen. Paul: ”Want taal leer je niet alleen uit een boek, maar vooral door het te gebruiken, samen met iemand anders.’’

Anneke’s advies: 'Oefenen, oefenen, oefenen!'

Portret van taalcoach Anneke de Leeuw in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Anneke de Leeuw begon zo’n vijf à zes jaar geleden, midden in coronatijd, als taalcoach. Na haar pensioen wilde ze actief blijven én iets voor anderen betekenen. Dat lukt aardig! Naast haar vrijwilligerswerk voor de bibliotheek is ze ook betrokken bij de Frankelandgroep en het Vlietland Ziekenhuis en runt ze de schoolbibliotheek van Scholengemeenschap Spieringshoek.

In de afgelopen jaren begeleidde Anneke mensen uit onder meer Syrië, Angola, Griekenland en Tsjechië. Op dit moment vormt ze een taalduo met Michaela, die al redelijk Nederlands spreekt. Wat het voor het taalmaatje lastig maakt is dat ze bij een internationaal bedrijf werkt, waar de voertaal Engels is. Toch blijft oefenen belangrijk. “Juist een omgeving waar Nederlands wordt gesproken, helpt enorm.”

Anneke houdt van boeken en taal. Haar dochter is YA-auteur en als oppasoma leest ze nog altijd graag voor. Haar advies aan iedereen die Nederlands leert, is dan ook simpel: “Oefenen, oefenen, oefenen. En dat kan goed bij de bibliotheek, want de bieb organiseert ongelooflijk veel. Leeslessen, taalcafés en cursussen.’’

Paula: ‘Waarom zou je een ander niet helpen?’

Portret van taalcoach Paula Persijn in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Paula Persijn is al heel lang als vrijwilliger aan de bibliotheek verbonden. In haar werkende leven was ze verpleegkundige; eerst in het Dijkzigt Ziekenhuis en later achttien jaar in de Rotterdamse gevangenis De Schie. Mensen helpen zitduidelijk in haar bloed.


Bij de bibliotheek zet Paula zich onder meer in voor de Voorleesbrigade. Met veel plezier leest ze voor aan wat zij zelf de “kleine ukkepukken” noemt, in de Korenbeurs en in Bibliotheek Noord. Ze geniet niet alleen van de kinderen, maar ook van de ouders en grootouders die erbij zijn. Voor haar horen taal en verhalen bij contact maken.


Daarnaast begeleidde Paula inmiddels drie taalvragers als coach. Haar laatste traject was met Ali. Vrijwilligerswerk is voor Paula bijna vanzelfsprekend. “Ik vind het onze zorgplicht,” zegt ze. ‘’Niet als zwaar woord, maar als overtuiging: als je iets kunt betekenen voor een ander, waarom zou je het dan niet doen?’’ En stilzitten? Dat lijkt voorlopig niet in haar woordenboek te staan.


Jevina: ‘Taal gaat óók over ergens bij horen’

Portret van taalcoach Jevina Zhou in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Jevina Zhou groeide op in Twente, met wat ze zelf de “zachtheid van het platteland” noemt. Haar ouders komen uit China. Als kind merkte ze al wat taal met een mens kan doen in het dagelijkse leven. Ook hoe sterk taal met cultuur verweven is en dat je je door verschillen in taal somseen “buitenbeentje” kunt voelen.

Sinds een jaar is Jevina taalcoach. Ze werd gekoppeld aan een Russische taalleerder en tussen de twee ontstond al snel een goede klik. Niet toevallig speelt dans daarin een rol. Jevina werkt in de theater- en danswereld en haar taalmaatje is een danser en dansleraar. Vanuit de bibliotheek worden taalduo’s waar mogelijk gekoppeld op basis van gedeelde interesses, en hier werkte dat duidelijk goed.

Het duo trok er geregeld samen op uit. “We gaan wel eens naar musea en voor haar verjaardag ben ik met haar naar een Nederlandse documentaire gegaan. Zo wordt Nederlands oefenen iets vanzelfsprekends: praten terwijl je samen iets beleeft.’’

Hun officiële taaljaar zit er bijna op. Vanaf september begint Jevina deeltijd met een nieuwe studie aan de Pabo. De ontmoeting neemt ze mee: taal leren is óók
elkaar leren kennen.

Mélanie: ’Een klein verschil kan veel betekenen’

Portret van taalcoach Mélanie Veenman in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Mélanie Veenman kwam via een enthousiaste buurvrouw in aanraking met het taalcoachwerk van de bibliotheek. Zelf werkt ze in een commerciële omgeving en juist daarom sprak vrijwilligerswerk haar aan: even uit die wereld stappen en op een onbaatzuchtige manier met iemand optrekken.

“Je leert er zelf ook veel van,” zegt Mélanie. “Je moet je verplaatsen in iemand voor wie niet alles vanzelfsprekend is. Je ontmoet iemand uit een heel andere wereld en dat verruimt je eigen wereld.”

Mélanie begeleidt momenteel een Portugese taalleerder. Samen kijken ze niet alleen naar correcte zinnen, maar juist ook naar de kleine dingen die helpen om je thuis te voelen. ‘’Zij is bijvoorbeeld heel beleefd in de omgang. De hele tijd ‘dank-je-wel’ en ‘u’… Nederlanders houden niet van dat ‘getrut’. Nu heeft ze van mij de uitdrukking ‘okidoki’ overgenomen, als een soort afsluiting van het gesprek. Zo lukt het haar om in haar werk ‘one-of-the-guys’ te worden. Dat soort woorden helpen je te integreren.’’

Juist zulke uitdrukkingen helpen om gemakkelijker mee te doen in de samenleving. Mélanie weet uit eigen ervaring hoe dat voelt: ze woonde een tijd in Italië. “Pas als je een grapje kunt maken of een telefoongesprek kunt voeren, merk je dat je een taal echt begint te begrijpen.”

Mieke: 'Taal helpt de ander zichzelf te redden'

Portret van taalcoach Mieke van de Heijning in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Mieke van de Heijning heeft in haar werkende leven veel met mensen gewerkt. Ze was schoolmaatschappelijk werker in Rotterdam-Zuid en zette zich meer dan tien jaar in voor VluchtelingenWerk. Inmiddels is ze met pensioen, maar stilzitten past niet bij haar. Ze wil graag bezig blijven, iets betekenen en nieuwe mensen leren kennen.

Daarom begon ze als taalcoach bij de bibliotheek. Vanuit haar ervaring weet Mieke hoe belangrijk het is dat ook ouders voldoende taalvaardig zijn. “Als zij de taal niet goed spreken, geeft dat dikwijls problemen. Veel brieven van instanties zijn nog steeds in erg moeilijke taal geschreven. Dat maakt het niet  makkelijk.''

Op dit moment vormt Mieke een taalduo met een Turkse vrouw. “Vrij jong, slimme meid. Ze heeft weinig opleiding genoten, maar ze is heel gemotiveerd. Dat maakt het voor mij als taalcoach heel leuk.”

Voor Mieke gaat taalcoaching om meer dan woorden leren. Wie brieven beter begrijpt, vragen durft te stellen en zichzelf kan redden, krijgt meer grip op het dagelijks leven. En juist bij dat proces helpt ze graag een handje.


Eric geeft woorden én vertrouwen mee

Portret van taalcoach Eric Boogaard in de bibliotheek in de Korenbeurs.

In zijn dagelijks werk houdt Eric Boogaard zich bezig met het adviseren van directies van nationale en internationale bedrijven over onderwerpen die te maken hebben met het inzetbaar, vitaal en gemotiveerd houden van medewerkers. Een oproep voor taalcoaches in de lokale krant trok zijn aandacht. “Taalbeheersing is voor mij een basisvoorwaarde om mee te kunnen doen in de maatschappij. Door je verstaanbaar te maken en te communiceren met anderen, is functioneren in je werk, je privé en met instanties een stukmakkelijker.’’

Zo werd Eric taalcoach van Shaban, een 33-jarige Syriër met vijf kinderen, die als automonteur in Amsterdam werkt. Hun lessen vinden niet alleen aan tafel plaats. Samen wandelen ze door Schiedam en oefenen ze al pratend het Nederlands. Dat past goed bij wat Eric belangrijk vindt: de taal gebruiken in het dagelijks leven.

Shaban heeft veel te regelen voor zijn gezin en moet daarin steeds zelfstandiger worden. Eric probeert hem daarom niet alleen woorden mee te geven, maar ook vertrouwen. “Ik hoop dat ik hem kan stimuleren om uit zijn comfortzone te stappen. Om dingen zelf te doen en zelf na te denken.” Voor Eric is taal geen abstract iets, maar een praktisch middel om mee te kunnen doen. Juist daarom spreekt het taalcoach-schap hem zo aan.  

Karin: ‘Taal leer je in hapklare brokken’

Portret van taalcoach Karin Bresjer in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Voor Karin Bresjer zijn woorden nooit zomaar woorden. Voor haar pensionering werkte ze als jurist en taal speelde daarin vanzelfsprekend een grote rol. “De woorden die je kiest zijn belangrijk. En je moet consequent zijn in je keuzes.”

Inmiddels is Karin twee jaar taalcoach. Ze is daar open over: het is soms zoeken. “Je moet erin groeien. Soms is het lastig om de ander aan het praten te krijgen. Mensen hopen soms dat jij een trucje kent, waardoor ze in één keer Nederlands spreken. Maar zo werkt het natuurlijk niet.”

Haar ervaring is juist dat vooruitgang ontstaat door veel te oefenen. Met een eerdere taalvrager, Alexandra, gingen de gesprekken bijna vanzelf. Zij was nieuwsgierig naar politiek, de staatsinrichting en het azc. “Daar had ik geen boekjes of oefenmateriaal bij nodig.”

Nu begeleidt Karin een Turkse vrouw. Haar aanpak is nuchter en geduldig. ’Mijn ervaring is dat je de taal in hapklare brokken moet breken. Stukje voor stukje. Dan kom je er wel.’’

Tilly: ‘Handvatten om zelf je weg te vinden’

Portret van taalcoach Tilly Noort  in de bibliotheek in de Korenbeurs.

Tilly Noort werd opgeleid als verpleegkundige, werkte in de wijk en stapte later over naar de politie. Werk met een maatschappelijke kant loopt als een rode draad doorhaar leven. Ook als vrijwilliger zoekt ze die betrokkenheid op.

Zo werkte Tilly met veel plezier voor de VoorleesExpress. “Je bent niet alleen bij de kinderen betrokken, maar bij het hele gezin. Je kunt als het ware achter de voordeur kijken.” Met klapspelletjes, rebussen en andere speelse oefeningen hielp ze kinderen hun woordenschat te vergroten.

Toen de VoorleesExpress stopte, meldde Tilly zich bij de bibliotheek als taalcoach. Nu begeleidt ze een Turkse vrouw van in de veertig. Voor Tilly is het doel helder. ‘’Ik vind het belangrijk dat deze mensen handvatten krijgen aangereikt om mee te kunnen doen in de Nederlandse samenleving. Dat is het doel! Zodat iedereen zelfstandig zijn weg kan vinden.’’

“Het is dankbaar werk,” zegt ze, om zichzelf meteen te corrigeren. “Nou, ja, werk… Het is geen werk, het is vrijetijdsbesteding.” Precies daarin zit voor Tilly de charme. Iets nuttigs doen, persoonlijk contact hebben en ondertussen iemand een stukje verder helpen.

Wil jij ook een verschil maken in Schiedam? Word vrijwilliger bij de bieb, meld je aan!